Britse pond en US dollar ook in hoge nood

De crisis als gevolg van de Griekse overheidsfinanciën houdt al wekenlang Europese economen, politici en de pers bezig. Verschillende voorstellen hoe de crisis op te lossen zijn gedaan.

Een daarvan komt van Martin Feldstein, een prominente en eurosceptische Amerikaanse econoom. In The Financial Times stelde hij voor dat Griekenland even vrijaf neemt van het lidmaatschap van de eurozone. Gedurende die Griekse vakantie zou het land de euro tijdelijk aan de kant moeten zetten en de drachme herinvoeren, om zo zijn concurrentievermogen door devaluatie te verbeteren.

Na de vakantie zou Griekenland die nieuwe drachme, tegen een veel lagere koers, weer inruilen voor de euro. Anderen suggereren dat de EU Griekenland uit de eurozone moet zetten of op zijn minst failliet moet laten gaan, bij wijze van straf. Eurosceptici krijgen vooral in de Angelsaksische media een podium om uit te halen naar de euro en de Europese monetaire unie.

Het is niet voor het eerst dat Angelsaksische economen en pers aan euro-bashing doen. Elke ontwikkeling die ook maar enigszins negatief voor de (levensvatbaarheid van de) euro uit te leggen valt, is in de afgelopen maanden gretig aangegrepen om de euro zo goed als af te schrijven. Als Griekenland niet voor de doodsteek zorgt, dan zal dat later gebeuren als Spanje, Portugal en Italië Griekenland achterna gaan.

Uiteraard zijn er, zeker de laatste tijd, veel problemen rondom de Europese monetaire unie. Wat de muntunie en de euro meemaken is niets minder dan de lastigste periode sinds de oprichting ervan, merkte de Duitse bondskanselier Angela Merkel onlangs terecht op.

Wat echter vreemd is, is dat de Angelsaksische pers veel minder oog had en heeft voor de ‘eigen’ munten, het Britse pond en de Amerikaanse dollar. Die munten staan er ook niet florissant voor, wat nog een understatement is. De politieke onzekerheid in Groot-Brittannië is in decennia niet zo groot geweest. Grote kans dat de Britse politici na de verkiezingen die uiterlijk begin juni gehouden moeten worden, er niet in zullen slagen een regering samen te stellen. Het ziet er namelijk naar uit dat geen enkele partij de absolute meerderheid krijgt. Dat is voor het laatst in 1974 voorgekomen. Een halfjaar later moesten de Britten opnieuw naar het stemhokje. Coalities maken en compromissen sluiten zit niet in het Britse politieke DNA verscholen.

De eurozone daarentegen is politiek stabiel als het maar kan. Zelfs de Griekse overheid zit stevig in het zadel. Het gat in de hand van de Britse overheid is bovendien vele malen ernstiger dan dat van de Eurozone. Het begrotingstekort bedraagt het dubbele van het tekort in de eurozone en de Britse staatsschuld is ook flink hoger. Zelfs de heilige AAA-status van het Brits overheidspapier is ter discussie. Als Groot-Brittannië een euroland was, zou het in één adem genoemd worden met Griekenland. Spanje, Ierland en Portugal zouden er dan nog prima uitzien afgezet tegen Groot-Brittannië.

Toch sieren de perikelen rondom Griekenland en de eurozone bijna dagelijks de voorpagina’s van de Britse en internationaal georiënteerde Amerikaanse pers. Terwijl er, behalve over het pond, ook genoeg te melden valt over de dollar. De Amerikaanse politiek is in de afgelopen jaren zelden zo gepolariseerd geweest als nu. Er komt nauwelijks een wetsvoorstel door het parlement, terwijl de nood met de crisis hoog is. De centrale bank zit gevangen in haar eigen val en het zal nog zeker een half decennium duren voordat de officiële rente op een normaal niveau terugkeert.

In al die tijd zal de inflatie zich warmlopen en de druk op de dollar het kookpunt naderen. De fiscale situatie is veel slechter dan in de eurozone. Een schuldencrisis zoals die in Griekenland ligt in de VS om de hoek, waarschuwde Ben Bernanke, voorzitter van de Fed, eerder deze week. En dan hebben we het alleen nog over de federale overheid. Veel Amerikaanse staten, zoals Californië, Illinois (met Chicago als hoofdstad), Massachusetts, New York en de stad Los Angeles zijn in feite failliet.

In de afgelopen weken is de euro onder vuur geweest op de valutamarkt. Sinds kort krijgen de speculanten echter steeds duidelijker het pond in het vizier. Dat heeft een reden: er valt daar meer te halen, want de munt heeft met problemen te maken die even groot of zelfs groter zijn dan die van de euro. Het is slechts een kwestie van tijd voordat de speculantenkudde voelt toe te zijn aan een echt grote prooi en de aanval op de fundamenteel zwakke dollar opent.

Het zal interessant zijn de Angelsaksische pers goed in te gaten te houden. Zullen er op de voorpagina’s uitgebreide verhalen staan over allerlei grote en kleine problemen van de dollar en het pond of zullen argumenten aangedragen worden over hoe onterecht en zinloos die aanvallen zijn? En krijgen economen van het Europese vasteland een podium om over structurele problemen van het pond en de dollar te schrijven?
– Sylvester Eijffinger en Edin Mujagic
Zie ook Het Financieele Dagblad van 05-03-2010